Historie v.v. Zwartemeer

Het ontstaan
 
De geboorte van de voetbalvereniging Zwartemeer is wel een heel bijzondere en mogelijk unieke geboorte geweest. De boreling aanschouwde namelijk het levenslicht op 11 augustus 1921 vanuit de boezem van de toneelvereniging D.V.T. (De Vrienden Trouw) te Zwartemeer. Zwartemeer had in die tijd - en heeft dat overigens nog steeds - een rijk verenigingsleven. Eén daarvan was Z.A.C. (Zwartemeerse Atletiek Club), welke bestond uit militaire politie en ambtenaren belast met de grensbewakingen. Z.A.C. legde zich toe op voetbal, korfbal en atletiek.
De afbouw van de grensbewaking ging snel en het einde van Z.A.C. kwam hiermee in zicht. De voetballers van Z.A.C. vonden echter onderdak bij een toneelvereniging. In deze periode bestond er in Zwartemeer een toneelvereniging genaamd D.V.T. (De Vrienden Trouw) welke louter uit mannelijke personen bestond. Deze trapten af en toe ook wel eens tegen een balletje op het bovenveen. Dit vertier leidde ertoe dat de behoefte ontstond aan een voetbalvereniging.
Door financiële moeilijkheden kon die behoefte toen nog niet in vervulling gaan. Toneelminnend Klazienaveen stak de helpende hand toe. Een toneelavond bracht zoveel geld in het laatje van de toneelvereniging dat men in één klap een flink positief saldo had. Hierdoor stond er niets meer in de weg om een voetbalclub op te richten.
Op donderdag 11 augustus 1921 werd de voetbalclub D.V.T. (De Vrienden Trouw) officieel opgericht. De clubkleuren geel-zwart werden overgenomen van de atletiek vereniging Z.A.C.
 
Het eerste veld.
 
Het eerste voetbalveld was gelegen op het bovenveen achter een café dat ook tevens het clublokaal was van de vereniging. Nadeel van het spelen op het bovenveen was dat de spelers na de wedstrijd het speelveld zo zwart als roet verlieten. Om zich weer enigszins toonbaar te maken werd een nabij gelegen kanaal gebruikt om zich te wassen. Een gebruik dat zich ook in de dertiger jaren in Klazienaveen voortzette.
Na een korte aanloopperiode was D.V.T. steeds aangesloten bij de toen steeds wisselende voetbalbonden. D.V.T. moest wel noodgedwongen de naam veranderen in Z.V.V. (Zwartemeerse Voetbal Vereniging) omdat er elders al een voetbalvereniging met de naam D.V.T. bestond.
Een belangrijk jaar in de historie van V.V. Zwartemeer was 1928. De toestand op het bovenveen in Zwartemeer werd onhoudbaar. Z.V.V. zocht en vond een ander voetbalveld en dat werd er één in Klazienaveen.


 
De naam V.V. Zwartemeer
 
1928 was ook het jaar dat de naam Z.V.V. werd veranderd in V.V. Zwartemeer.
Op 1 januari 1929 ging V.V. Zwartemeer van start op het veld in Klazienaveen. Een hotel werd het clubgebouw en als kleedgelegenheid diende een grote hooischuur. Als wasgelegenheid dienden teilen gevuld met water of het in de nabijheid gelegen kanaal.
Het 1O-jarig bestaan werd gevierd op zondag 30 augustus 1931 met een toernooi waaraan 7 teams deelnamen waaronder enkele Duitse teams.
Sportief gezien ging het in deze tijd goed met Zwartemeer want t/m het seizoen 1931/1932 speelde het steeds mee om de eerste plaats. In het seizoen 1932/1933 werd het kampioen en promoveerde naar de 3e klasse K.N.V.B. Dit gaf echter problemen, want het toenmalige terrein voldeed niet aan de K.N.V.B. eisen.
Samen met de Maatschappij Klazienaveen werd een oplossing gezocht en gevonden. De opening van een nieuw speelveld, inclusief een kleedkamer, werd gecombineerd met de viering van het 12½ jarig jubileum. Wethouder Sibon van de gemeente Emmen verrichtte de officiële opening.
In 1936 werd er gefuseerd met N.D.V.C. uit Nieuw Dordrecht. Hierdoor werd het financiële plaatje een stuk rooskleuriger.
Vlak voor de oorlog, in 1938, werd Zwartemeer nog kampioen. In de 2 nog resterende competities voor het uitbreken van oorlog wist het in de bovenste regionen te eindigen. De laatste wedstrijd was 5 dagen voor de overschrijding van de grens door Duitse soldaten bij Zwartemeer.
 
Oorlogstijd.
 
In de oorlogstijd duurde het begrijpelijk even voordat de bal weer aan het rollen werd gebracht. Dat gebeurde op zondag 25 augustus 1940 toen Zwartemeer deelnam aan z.g. serie-wedstrijden.
Het waren in die tijd rommelige en onvolledige competities, doordat teams niet kwamen opdagen met als reden dat spelers moesten onderduiken en het vervoer, vaak geschiedde dat per gehuurde tandemfietsen, grote problemen gaf.
Sportieve resultaten waren er wel in deze moeilijke tijd want in het seizoen 1941/1942 werd Zwartemeer kampioen van de gemeente Emmen, in het seizoen 1942/1943 en 1943/1944 werd Zwartemeer kampioen van de 3e klasse van de N.V.B.
Ondanks vervoersproblemen kwam in 1944 het grote Ajax naar Klazienaveen. Met de man een roggebrood en een pond spek vertrok het gezelschap uiterst tevreden weer.
Bij een bombardement op de Purit kreeg ook het clubgebouw een voltreffer en ging het volledige archief verloren evenals alle trofeeën.
Na de bevrijding startte Zwartemeer in de 2e klasse Noord om op 11 augustus 1946 het zilveren jubileum, het 25-jarg bestaan, groots te vieren.
De sportieve prestaties in de jaren 1948 t/m 1950 kunnen we rekenen tot de glorietijden in de historie van Zwartemeer. Zwartemeer werd 3 keer op rij kampioen voor soms wel 10.000 toeschouwers.
In 1951 kreeg een protest van Zwartemeer landelijk veel publiciteit. Zwartemeer tekende protest aan tegen het feit dat bij een tegenstander een ongerechtigde speler had meegedaan.
1952/1953 was een slecht seizoen. Zwartemeer verloor een degradatie wedstrijd van Velocitas en zou helaas degraderen naar de 2e klasse. Het volgende seizoen werd dit weer teniet gedaan door kampioen te worden in de 2e klasse Oost.
 
Betaald voetbal.
 
Het seizoen 1954/1955 werd historisch gezien een belangrijk jaar n.l. de introductie van betaald voetbal. Ook Zwartemeer wilde betaald voetbal, maar moest wel een waarborgsom van 50.000 gulden op tafel leggen. Het bedrag kwam er en Zwartemeer ging betaald voetbal spelen vanaf het seizoen 1955/1956.
Op 16 juli 1957 speelde Tonnie Roosken zijn 1e wedstrijd voor Zwartemeer. Vele doelpunten scoorde hij in de betaald voetbal periode voor Zwartemeer en SC Drenthe.
In datzelfde jaar werd Gerard Lippold gekozen in het Nederlands elftal van de oudere jeugd.
Hoogtepunt in het seizoen 1958/1959 was dat het nieuwe veld in gebruik kon werden genomen.
Zwartemeer telde toen 525 leden en 22 contractspelers.
In 1962 werd dit veld voorzien van een tribune waarop zo’n 500 toeschouwers plaats konden nemen. Bijzonderheid was dat bij de ingebruikname het dak nog ontbrak. De tribune is nog steeds in gebruik bij het huidige hoofdveld.
Het seizoen daarop, waarin Zwartemeer voor het eerst een programmaboekje en een clubblad uitgaf, werd Zwartemeer 2e achter kampioen Alkmaar. Promotiewedstrijden volgden met als hoogtepunt de thuiswedstrijd tegen Alkmaar voor 12.000 toeschouwers.
In 1965/1966 werd op een buitengewone ledenvergadering besloten dat de betaalde afdeling een stichting werd n.l. Stichting SC Drenthe. Alleen dan waren gemeente en provincie bereid financiële steun te verlenen.



 
V.V. Zwartemeer als amateurs verder.
 
De amateurs van Zwartemeer moesten toen opnieuw beginnen. In de 4e klasse H van de K.N.V.B.  Het 1e succes werd geboekt in het 4e jaar n.l. het seizoen 1969/1970. Zwartemeer werd kampioen en 3e klasser.
Het eerste jaar in de 3e klasse, waarin Zwartemeer zijn gouden jubileum vierde, ging uitstekend want het eindigde als 2e. Vervolgens werd Zwartemeer in de 2 daarop volgende seizoenen opnieuw kampioen, hetgeen een plaats opleverde in de 1e klasse. Dit niveau kon helaas niet worden vastgehouden, want in 1978 volgde degradatie naar de 2e klasse.
1981/1982 ging het weer bergopwaarts. Op 25 april 1982 werd Zwartemeer ongeslagen kampioen om het jaar daarop verdienstelijk 2e te worden.
Vanaf 1984/1985 moest Zwartemeer constant tegen het degradatiespook vechten. Vaak kon pas op de laatste dag van de competitie degradatie worden voorkomen. Uiteindelijk volgde toch degradatie naar 2e klasse en in 1987-1988 zelfs naar de 3e klasse.
Het seizoen 1990 werd er weer een met een gouden randje, want Zwartemeer werd in een uitwedstrijd tegen CEC kampioen. Het jaar daarop pakten we de 2e periodetitel zonder promotie af te dwingen.
Vanaf 1992/1993 waren de jaren van trainer Jaap Verhoef. Zwartemeer haalde met hem een periodetitel binnen. Dit keer slaagden we royaal in promotie met een 7-1 overwinning op Steenwijk, waarmee Zwartemeer na 8 seizoenen weer terugkeerde in de 1e klasse.
Ook nu kon Zwartemeer het niveau niet vasthouden en gleed af naar lagere regionen. Helemaal nadat was besloten om verder te gaan met louter spelers uit eigen gelederen.
Na aanvankelijk moeizame jaren in de 3e klasse kroop Zwartemeer uit een dal en pakte incidenteel een periodetitel mee. In het seizoen 2011-2012 lukte het vervolgens om middels een periodetitel als winnaar van de nacompetitie te promoveren naar de 2e klasse. Het verblijf in de 2e klasse kon volgehouden worden tot 2014-2015, toen degradeerde Zwartemeer weer naar de 3e klasse waarin het ook het seizoen 2016-2017 zou uitkomen.
 


De recente geschiedenis.
 
In 2004 ging voor Zwartemeer een lang gekoesterde wens in vervulling. Het sportpark werd in z’n geheel gerenoveerd. Voor Zwartemeer was dit het sein om ook de kantine op de schop te nemen en de aloude tribune te renoveren. Buurman V.V. Klazienaveen verhuisde dit jaar naar ‘de Zwartemeer kant’.
In 2008 werd door Zwartemeer en Klazienaveen besloten om de jeugdafdelingen samen te voegen en onder te brengen in een jeugdcombinatie met de naam SJO KZC’08. De samenvoeging van de jeugdteams had als voornaamste doel 'het niveau van het jeugdvoetbal in Klazienaveen op een hoger plan te brengen'.
De optimalisering van het sportpark kreeg in 2012 een vervolg met de aanleg van een kunstgrasveld.
In 2010 gaan er stemmen op om beide verenigingen geheel te laten fuseren. Na vergaand onderzoek wordt in 2013 het fusietraject afgeblazen door de ledenvergadering van V.V. Klazienaveen. In 2016 is het fusietraject weer opnieuw opgepakt.
Zwartemeer is het fuseren niet geheel vreemd, in 1928 werd er al eens gefuseerd met K.V.C. uit Klazienaveen en in 1936 met N.D.V.C. uit Nieuw-Dordrecht. Dit heeft inmiddels geleid tot overeenstemming over een fusie per 1 juli 2017.